E
r zijn mededelingen die maar een fractie tonen van de eigenlijke boodschap, zoals een ijsberg maar voor klein deel boven de waterspiegel uitsteekt:
`De intercity naar Maastricht van 10.53 vertrekt over twintig minuten.’
Wat de NS niet vertelt, is dat de trein daarmee ruim een kwartier vertraging heeft. Het lijkt net of ‘ie volgens de dienstregeling rijdt.
Liefdespartners verstoppen soms subtiel de eigenlijke boodschap:
-`Zou ik eigenlijk niet meer moeten sporten?’
-`Schat, ik hou van je zoals je bent’.
Een cynische lezing van deze dialoog zou zo kunnen luiden:
-`Wat ben ik vadsig. Ben ik nog wel aantrekkelijk voor je?’
-`Nee, maar ik ben je gewend en ik kan zelf toch ook niets beters meer krijgen.’
Reclamemakers en politici spelen graag met deze ijsbergen van de communicatie. Ze spelen in op behoeften en gevoelens van de consument, zonder deze expliciet te benoemen:
`U wilt toch ook het beste voor uw kind?’
`Henk en Ingrid betalen voor Ali en Fatima’*
Zoek de boodschap-onder-de-boodschap en waan je kapitein op een poolschip.
20170118 (* uit een PVV verkiezingsprogramma)
én gratis gadget in elke verpakking!
Je bent een dief van je eigen portemonnee als je deze aanbieding laat liggen.’ Deze oubollige, maar effectieve drogreden kennen we van de markt. Van wie steel je? Van jezelf. Bij wie komt de buit terecht? Bij diezelfde talige schizofreen dus.
`Vandaag scheurde ik uit mijn broek, kookte de melk over en is de kat doodgegaan!’
ie ben ik? Ik noem me Roeland. Iedereen die Nederlandstalig is, noemt me Roeland. Maar die e is lang, lang geleden achter de o gezet om aan te geven dat je een korte klinker verlengt. Je ziet dat in middeleeuwse namen als Maerlant (aa) en Blancefloer (oo). Fijn en leuk om te weten als je een gruwelijk kantoorgebouw als Janssoenborch in moet. Je ziet het verschijnsel nog steeds, ook in modern Nederlands: de e achter de i, niet?