H
et is december, dus tijd om de balans op te maken en 2017 te condenseren tot een serie lijstjes. Woord, song, sporter, nieuws enzovoort van het jaar: de media schrapen luidruchtig de feitjes bij elkaar, enquêteren zich een slag in de rondte en hopen vooral dat hun opsomming uniek en opzienbarend genoeg is om onze aandacht te trekken, te midden van het eindejaarskabaal.
Welk lijstje heeft de hoogste nieuws- en amusementswaarde? Een goed lijstje weet een urgent aspect van het afgelopen jaar in een top-10 weer te geven, raakt een emotionele snaar en roept liefst zo veel mogelijk discussie op.
Wat ligt er dan meer voor de hand om je publiek te vragen om de mooiste, beste, fijnste … van het jaar? Eh… inderdaad: vraag het juist om de slechtste, irritantste, gruwelijkste …! Geheid dat de mensen die overal een mening over hebben zich laten verleiden tot een fors onderbouwde bijdrage.
1. Op wegmetdatwoord.org van het Instituut voor de Nederlandse Taal kun je afrekenen met vage coachingtermen, managertaal of welk woord je verder maar niet wilt horen in 2018. Stemmen kan alleen vandáág nog, dus wees er snel bij!
2. De Loden Leeuw voor de meest irritante tv-reclame is gisteren uitgereikt aan de acteur die in de Buik Billen Bonus-filmpjes van Albert Heijn speelde. Zijn reactie: `Ik ben een sportman, ik wil natuurlijk wel winnen’. Sportief, zeker… Ali B. kreeg ook zo’n leeuw, als irritantste BN’er in een reclame. Heb je deze verkiezing gemist? Leg dan je tablet eens weg en zet de ouderwetse treurbuis nog eens aan voor de verkiezing van 2018.
3. Vakantieboer Expedia haalde al in september de media met haar enquête over de irritantste vakantiefoto’s op sociale media. `Foodfoto’s’ en `hotdogbenen’ zijn ergernis nummer 1 en 2, gevolgd door yoga- en springfoto’s. Fijn dat we het weten.
Modewoorden, reclamefilmpjes en vakantiekiekjes. Wat leven we toch op een mooi stuk van de aardbol, dat we tijd, zin en gelegenheid hebben om ons daaraan te ergeren, als bewoners van een van de rijkste en veiligste landen ter wereld… zoals jaar in, jaar uit weer uit vele lijstjes blijkt.
20171206
e fraaie, ongerepte, zuid-Portugese kust werd begin jaren ’90 volop `ontwikkeld’: hotels, winkelcentra, luxe villa’s. Ik was er als arme student op een shoestring-backpackvakantie – al noemde ik dat toen gewoon vakantie. Fotografie was nog analoog – weinigen kénden überhaupt het woord `digitaal’. Vaak moest ik kiezen om níet af te drukken: dat bespaarde film, ontwikkel- en afdrukkosten. Zes filmpjes in drie weken was echt de max.
0171124
ehakketak over wat correct Nederlands is, is niet enkel van nu. In de Atlas van de Nederlandse taal* staan mooie verhalen over hoe men in de 16e en 17e eeuw onze taal op de tekentafel legde. Gedreven door een gulzig beleefde klassieke Wedergeboorte streefde men toen naar een pure, Nederlandse eenheidstaal tot fundament van de nog wankele nationale identiteit.
ie bladert er nog voor zijn plezier in een woordenboek? Toen ik Nederlands ging studeren, schafte ik me een amper tweedehands driedelige Van Dale aan, 175 gulden bij De Slegte. Ik stuitte, als een beduusde Livingstone, op `serendipiteit’: het verschijnsel dat je soms pardoes iets vindt waar je helemaal niet naar op zoek was, maar dat wel een blijvende glimlach op je gelaat tovert, of je de juiste weg wijst (mijn definitie;)
e foto’s van
n het jaar 79 van onze jaartelling barstte de vulkaan Vesuvius spectaculair uit en bedolf een metersdikke laag gloeiende as de nabij gelegen stad Pompeii. Toen enthousiaste archeologen in de 19e stad begonnen met opgravingen, troffen ze op de muren een overweldigende hoeveelheid graffiti aan, van scabreuze aantijgingen via reclame en laster tot keiharde politieke agitprop. Maar ook poëtische teksten als deze:
ussen 1954 en 1968 kregen dokters, verplegers, ziekenhuizen en gezondheidsinstituten in de hele westerse wereld dit soort ansichtkaarten. Met een persoonlijke groet, handgeschreven en authentiek gepost in België, Chili, Pakistan, de Malediven. Slimme marketing van de Abbott Pharmaceutical Company uit Chicago.
e weet waar je aan toe bent – je hebt immers de voorwaarden gelezen. Bovendien krijg je van Oom Google misschien wel goede tips en suggesties, omdat je hem zelf hebt geholpen de reclames samen te stellen.
u de zomer definitief voorbij lijkt, verdwijnen armen, benen, schouders en ruggen zoetjesaan weer uit het zicht. En daarmee ook de daarop aangebrachte tatoeages. Persoonlijk vind ik dat niet zo erg. Bij veel van die plaatjes vraag ik me af wat erger is: of je ooit spijt gaat krijgen dat je ‘m hebt laten zetten of juist dat je daar géén spijt van gaat krijgen. En hoe ze er over tien, twintig jaar uitzien, als de huid rimpelig en vlekkerig wordt.
e hoofdredacteur van de Utrechtse daklozenkrant noemde me ooit meester op de korte baan, toen bleek dat ik in 100 woorden een leuk verhaaltje kon houden over bekende Utrechters. Voor wie denkt dat ik lui ben: met het schrijven van 100 woorden ben je niet per se korter bezig dan met een stukje van 400, of zelfs 1000 woorden. Met weinig woorden heb je weinig kans om te nuanceren, dus moet je extra zorgvuldig kiezen. Stel je voor dat je een poolreis gaat maken en je kan enkel een daypack als bagage meenemen.
e hashtag vierde onlangs zijn tiende verjaardag. In augustus 2007 introduceerde Chris Messina het hekje (#) op Twitter om berichten te kunnen groeperen op onderwerp. Zinvol als je snel alle informatie bijeen wilt hebben over #JustinBieber of #NSvertragingen.
edacteurs van woordenboeken zijn doorgaans nogal op de millimeter wat betreft definities, grammaticale en etymologische informatie, spelling uiteraard. We moeten altijd woekeren met de ruimte om een zo accuraat mogelijke omschrijving te geven van, bijvoorbeeld, een `dubbelmol’. We kunnen lang puzzelen op de essentie van `due diligence’. Sommigen van ons hebben hun hele, lange leven gewijd aan de studie van het Gotisch en Raetoromaans om ons overtuigend te kunnen inlichten over de oorsprong van, bijvoorbeeld, een woord als `paard’. Zakelijk, nuchter, to the point, zoals het hoort.
Wat hebben we De Natuur veel ontnomen de laatste paar honderd jaar. Wilde flora en fauna hebben we in steeds hoger tempo weggevaagd om steeds meer mensen te kunnen huisvesten. We hebben een hele industrie ontwikkeld waarmee we die mensen steeds gezonder en langer konden laten leven op een steeds hoger levenspeil. Als een olievlek heeft onze beschaving zich over de wereld verspreid. Tot er bijna geen Natuur meer over was.
et voorvoegsel ont- is ontluisterend ondoorgrondelijk. Heb je je bijvoorbeeld ooit afgevraagd waarom `ontbranden’ betekent dat iets begint te branden? Je zou immers kunnen denken dat het juist het tegenovergestelde betekent: ophouden te branden. Denk maar aan `ontsluiten’ (openen) en `ontvetten’ (vet verwijderen).
e zijn begin juli alle 3300 buiten bedrijf gesteld, de gele ANWB-praatpalen. Net als de fluittalen, waar ik eerder over schreef, werden ze ingehaald door nieuwe vormen van communicatie. In plaats van een kilometer te moeten sjokken over de vluchtstrook app je nu ff de pechservice, lekker makkelijk. Maar nostalgie is een hardnekkige mensenkwaal. Zoals eerder de rode Britse telefooncellen waardevolle verzamelobjecten werden, zo willen velen nu zo’n gele `Broer Konijn’ aanschaffen.
eel grote bedrijven leggen graag aan de wereld uit hoe Groen ze zijn. Electronicaconcerns, fastfoodketens, oliemaatschappijen etaleren uitgebreid hoe goed ze presteren op de Schaal van Smaragd. Bouwmarkten en papierproducenten pronken met FSC-keurmerken, wasmiddelfabrikanten met Eko-labels. Supermarkten en witgoedventers steunen knuffelbare groendoelen, van het Wereld Natuurfonds tot de zeehondjes van Pieterburen. Toppunt van `greenwashing’: een bekende hamburgerboer die zijn logo groen schildert.
en paar maanden geleden verscheen de prachtig geïllustreerde `Atlas van de Nederlandse taal’ (Lannoo), in twee edities: een Nederlandse en een Vlaamse. Dat is niet voor niets.
n de bergen van Turkije en op veel andere plekken in de wereld kon je ze tot kort geleden nog vaak horen: gefloten berichten. Een handig middel om kloven te overbruggen: een herder zet zijn vingers aan de mond en vertaalt zijn boodschap in een reeks hoge en lage fluittonen. Aan de andere kant van het dal spitst men de oren en begrijpt: `wolven hebben twee schapen opgepeuzeld’, of `schat, ik ben een uurtje later thuis’.
achitis – je krijgt er kromme benen van – ontstaat door een gebrek aan vitamine D en calcium. De ziekte werd voor het eerst onderkend in Groot-Brittannië, in de begindagen van de Industriële Revolutie. Kinderen maakten er lange dagen in de fabrieken en zagen amper de zon, vandaar dus.
eel winkelstraten in Utrecht lijken op een gatenkaas, of een rot gebit. In de strijd tegen de dozenschuivers van het internet leggen steeds meer klassieke winkels het loodje. Vastgeroeste, bejaarde ketens sluiten de knarsende deuren. Da’s mooi, want zo ontstaat er ruimte voor nieuwe, kleine zaakjes, creatieve geesten en woonruimte. Maar dat terzijde.
Het is leuk om iets te weten of te kunnen wat weinig anderen kunnen of weten. Het geeft een zekere macht. Je kunt er anderen mee verbluffen, overtroeven of te kakken zetten. Het kan zich ook tegen je keren, bijvoorbeeld als je in het gevlei wil komen bij de leraar, maar je je daardoor vervreemdt van je klasgenoten.
en paar jaar geleden vond Geert Wilders de Koran `erger dan Mein Kampf’ (en ik vermoed dat hij sindsdien niet van mening is veranderd). Weldenkend Nederland was ontzet: je kunt de Koran toch zeker niet met Mein Kampf vergelijken?! Eh… jawel hoor, en daar is op zich niets mis mee. We vergelijken allemaal.
SIS is een zionistisch complot om de islam te demoniseren. Dit wordt nog door velen betwist, maar deze waarheid laat zich op internet de mond niet snoeren. Uiteindelijk wordt dit de algemene mening en daarmee een onweerlegbaar feit. Kennis is kneedbaarder dan ooit.
agobert kende ik als jong kind enkel als de gierige oom (Engels: Scrooge McDuck) van Donald Duck, held van mijn vrolijke weekblad. Toen ik later door een geschiedenisboek bladerde en las dat er ook een Frankische koning Dagobert was, stond ik versteld. `Geboren in Épinay-sur-Seine, 603.’ Zou deze ook slobkousen – magisch onbekende kledingstukken – hebben gedragen?
zelf het gevoel dat Leonardo hier probeert over te brengen.
tel, je vergelijkt onze taal met het heelal – en de woorden die we gebruiken zijn sterren en planeten – dan is er nog een heleboel `donkere materie’, woorden die we niet kunnen waarnemen, maar wel bestaanbaar zijn.
aak zijn woorden en uitdrukkingen niet meer dan vervoermiddelen voor je gedachten. Je luistert er niet eens meer naar: je praat alsof je fietst. Gelukkig maar. Zou je aan elk woord blijven hangen, dan zou elke gedachtegang behoorlijk tijdrovend worden.
e haalt de trein op het nippertje, sollicitatiegesprek om half 10 in Den Haag. De deuren sluiten achter je en de trein trekt op, richting Amsterdam. Je had die van spoor 7 moeten hebben, niet die van spoor 5. Waar is spoor 6 trouwens gebleven?
ylvia Kristel
nna van Schurman
arel Doorman
et was zo’n goed voornemen: elke week een blog schrijven, maar na een gloedvolle start is het je na een tijdje toch weer wat ontglipt. En nu staar je naar een leeg scherm en vraag je je af hoe dat ook alweer gaat, schrijven. Herken je dat?
rme Zamenhof. Met de beste bedoelingen stelde hij het Esperanto samen. Een kunstmatige taal, makkelijk te leren, regelmatig, de gedroomde overbrugging tussen volken, culturen. Nooit meer geworden dan een curieus stukje huisvlijt, gekoesterd door wereldvreemde idealisten.
ls je je boodschap aan een groot publiek wilt overbrengen, dan moet je helder en eenvoudig zijn. Daar is al een paar jaar een keurmerk voor: het Europees Referentiekader voor de Talen. Het omvat zes niveaus van taalvaardigheid, van heel laag (A1) tot heel hoog (C2).
r zijn mededelingen die maar een fractie tonen van de eigenlijke boodschap, zoals een ijsberg maar voor klein deel boven de waterspiegel uitsteekt: